Is het nodig om op 6 maanden over te schakelen naar opvolgmelk (nummertje 2)?

Je baby wordt binnenkort 6 maanden, een mijlpaal! Als je geen borstvoeding geeft*, vertelt iedereen dat het tijd is om je pak poedermelk nummer 1 op te gebruiken, en over te schakelen naar nummer 2. Maar is dat wel nodig?

Om hier een antwoord op te kunnen geven, vergelijken we eens wat er juist verschilt tussen eersteleeftijdsmelk (nummer 1, gemarket als 0-6 maanden) en opvolgmelk (nummer 2, gemarket als na 6 maanden).

Bij babyvoeding wordt borstvoeding altijd als de referentie genomen. Eersteleeftijdsmelk sluit daar het dichtst bij aan qua eiwit-, koolhydraat- en vetgehalte. Wat is nu het verschil tussen eersteleeftijdsmelk en opvolgmelk? We zien verschillende dingen in opvolgmelk:

  • Een iets hoger eiwitgehalte, en een hogere verhouding aan caseïne-eiwitten ten opzichte van wei-eiwitten (de twee belangrijkste eiwitten in melk). Caseïne geeft een tragere maaglediging en gaat langzamer door de darmen dan wei. Dus dat maakt dat deze opvolgmelk meer verzadigend is dan eersteleeftijdsmelk.
  • Een hoger koolhydraatgehalte, waarvan een deel zetmeel is. Zetmeel verteert trager en komt niet voor in eersteleeftijdsmelk. Dat maakt de opvolgmelk ook meer verzadigend dan eersteleeftijdsmelk.
  • Een lager vetgehalte. Het aantal kcal tussen de eersteleeftijds- en opvolgmelk is nagenoeg gelijk, dus het verhoogde eiwit- en koolhydraatgehalte worden gecompenseerd door een lager vetgehalte in de opvolgmelk.
  • Meer vitamines en mineralen

Enkele bedenkingen bij deze informatie

  • Borstvoeding verandert na 6 maanden niet drastisch van samenstelling en blijft toch de ideale voeding voor de baby. Dus je kan je afvragen of een opvolgmelk met een andere samenstelling wel nodig is. In principe bevat eersteleeftijdsmelk de essentiële bestanddelen die je baby nodig heeft uit melk als je geen borstvoeding geeft*. De wijzigende verhouding wei-caseïne (van hoofdzakelijk wei naar ongeveer 50/50) zien we ook wel terug bij borstvoeding.
  • Een te hoge eiwitinname kan o.a. leiden tot overgewicht en andere aandoeningen op latere leeftijd. Het verschil tussen eersteleeftijds- en opvolgmelk is niet heel groot (zeker niet ten opzichte van gewoon koemelk), maar je kan je afvragen of dat hogere eiwitgehalte wel nodig is.
  • Vanaf 6 maanden is het aangeraden dat iedere baby vaste voeding krijgt. Als je baby een gezond en gevarieerd aanbod aan vaste voeding krijgt, krijgt ze zeker haar benodigde vitamines en mineralen binnen in combinatie met haar melkvoeding. Dus in dat opzicht is het niet nodig om in de melk extra vitamines en mineralen toe te voegen. EFSA (Europese Voedselveiligheid Authoriteit) stelt ook duidelijk dat eersteleeftijdsmelk voldoende voedingsstoffen bevat voor gezonde zuigelingen, ook na 6 maanden. De extra toegevoegde vitamines en mineralen zijn niet nodig.

Conclusie: Ook na 6 maanden blijft eersteleeftijdsmelk beter aansluiten bij de behoeftes van je baby. De reden waarom opvolgmelk toch bestaat, is puur marketing: Voor opvolgmelk mag reclame gemaakt worden, terwijl dat voor eersteleeftijdsmelk verboden is.

 

Wie graag meer leest, kan hier terecht:

 

* Als je borstvoeding geeft (gedeeltelijk of volledig), doe dan zeker verder! Ook na 6 maanden blijft het de ideale babyvoeding.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

%d bloggers liken dit: