Lactose-intolerantie bij borstgevoede baby’s, bestaat dat nu wel of niet?

Je hoort wel eens zeggen “Ik ben moeten stoppen met borstvoeding, want mijn baby is lactose-intolerant”. Terwijl je van een andere kant hoort “Maar baby’s kunnen helemaal niet lactose-intolerant zijn”. Maar hoe zit dat nu?

Zullen we eerst beginnen met een droog lesje chemie? Niet zo heel spannend misschien, maar wel noodzakelijk om te begrijpen waar we het over hebben. Lactose is een natuurlijke suiker die voorkomt in alle dierlijke melken, dus ook in moedermelk. Lactose-intolerantie wil zeggen dat je die suiker niet goed verdraagt. In die zin is lactose intolerantie iets helemaal anders dan koemelkallergie, waarbij je reageert op de eiwitten in de melk. Maar de twee worden al eens door elkaar gehaald omdat die eiwitten en lactose in het zelfde product voorkomen, namelijk dierlijke zuivelproducten.

Maar goed, we gingen het over lactose-intolerantie hebben. Normaal gezien wordt lactose in je darmen opgesplitst in kleinere suikermolecules door het enzyme lactase. Die kleinere molecules worden dan geabsorbeerd door de darmwand, naar je bloed. Maar daar kan het mis gaan. Als lactose niet voldoende wordt afgebroken, blijft het in je darm en dat is vervelend. Want lactose trekt water aan, en wordt ook nog eens gefermenteerd door bacteriën. Het resultaat? Overvloedige, vloeibare, soms groene, schuimende ontlasting en een geïrriteerde baby die veel windjes kan laten.

 

Aha, lactose-intolerantie bij baby’s bestaat dus wel? Inderdaad, we spreken over drie soorten van lactose-intolerantie bij baby’s:

  1. Primaire lactose-intolerantie is een genetische afwijking waarbij de baby geboren is zonder het gen voor lactase om lactose af te breken. Dit is een baby die meteen vanaf de geboorte al niet goed groeit en uitdroogt. Maar dit is echt héél zeldzaam: Er zijn maar een paar mensen in de wereld die met deze afwijking zijn geboren, de meesten daarvan wonen in Finland.
  2. Secundaire lactose-intolerantie lijkt wel op primaire lactose-intolerantie, maar is iets tijdelijks. Door een beschadiging van de darmen, kan er geen lactase worden aangemaakt in de darmcellen. De lactose-intolerantie is dan eerder een gevolg dan een oorzaak. Want waar komt die beschadiging van de darm vandaan? Wel, bijvoorbeeld van een infectie van de maag en darmen door een bacterie of virus. Maar er kan ook een andere voedselovergevoeligheid aan de basis liggen: Een bepaald voedingsmiddel irriteert de darm dan zodanig, dat de darm beschadigd raakt en ook geen lactase meer kan maken. Belangrijk om te onthouden, is dat dit een tijdelijke lactose-intolerantie is. Neem de oorzaak van de darm irritatie weg, en de darmcellen én lactase productie zullen zich weer herstellen.  In de tussentijd kan je gewoon borstvoeding blijven geven. Sterker nog, de stofjes in moedermelk zullen de darm helpen om sneller te herstellen. Er hoeft zeker niet overgeschakeld te worden op lactosevrije kunstvoeding bij een borstgevoede baby!
  3. Zogenaamde lactose-overbelasting is geen echte lactose-intolerantie. Dit komt voor bij overproductie bij borstvoeding, waardoor de baby te veel lactose binnen krijgt. De symptomen? Een ongelukkige baby die vaak wil drinken, en frequente explosieve, schuimende, soms groene ontlasting produceert. Ironisch genoeg kan de mama denken dat ze niet voldoende melk produceert, omdat de baby altijd hongerig lijkt. Zuigen is namelijk een manier van de baby om de pijn te verzachten. En dan komen we in een vicieuze cirkel terecht, want hoe meer de borsten gestimuleerd worden, hoe meer melk ze gaan produceren. Bij twijfel contacteer je best je lactatiekundige of vroedvrouw. Met een aantal tips kan je je overproductie onder controle krijgen.

Dus: Behalve bij primaire lactose-intolerantie, kan je gewoon borstvoeding blijven geven. Het heeft ook geen zin om als moeder op lactosevrij dieet te gaan. Intacte lactose wordt namelijk niet opgenomen in de bloedbaan, en komt dus ook niet in de moedermelk terecht. Alle lactose in moedermelk wordt ter plaatse “vers” geproduceerd.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *